Aan de grens
dicht bij zich
wrijft ze zacht
een wiegende kring
Een strijkje klinkt
een boom als een harp
met tokkelende toppen
in wulpse zijligging
Een piepende holte
Het rosse leven
Gesmeerd als
gele boter
Ze zucht uit
Lucht
daalt weer in
Takkenwijf Moeder Natuur
Ze werpt en verwent
Een bevredigende strijd